spel van de maand - Tinners' trail
Jarenlang bleef mijn lijstje van favoriete spellen ongewijzigd, maar nu heeft een nieuwkomer zich tussen de koplopers genesteld.
Tinners’ Trail maakt al meteen indruk bij het openen van de doos: geen kaarten of geldbiljetten, enkel het spelbord en houten spelstukken. Met dat materiaal slaagt het spel er in om een schitterende simulatie van een economische realiteit op te zetten én een boeiende spelervaring te bieden.
Het Engelse graafschap Cornwall met zijn historische tin- en kopermijnen vormt het decor voor het spel. De ertsen zijn er voorhanden in de vorm van witte en oranje blokjes. Blauwe waterblokjes vormen een hindernis bij de ontginning. De spelers veilen de mijnen, ze investeren in de uitrusting ervan en ontginnen ze.
Elke actie - een mijn kopen, spoorwegen en havens aanleggen, pompen installeren of arbeiders aanwerven, ertsen bovenhalen - alles kost de spelers een vastgelegd aantal arbeidsdagen. Die staan aangeduid op een scorelijst en bepalen de volgorde waarin de spelers aan zet komen. Het kopen van een mijn en de ontginning ervan kosten bovendien ook geld. De ontginning van een mijn verloopt trouwens moeizamer en is daardoor duurder, naargelang er meer water in de mijn staat. Telkens als er ertsen worden bovengehaald, stroomt er nieuw water in. Gelukkig maken de gepaste investeringen het mogelijk de kosten binnen de perken te houden.
Op het einde van elk van de 4 ronden verkopen de spelers hun gedolven ertsen tegen de geldende marktprijs die door het lot werd bepaald. De winst dient deels om in de volgende ronde mijnen te kopen of te ontginnen. Maar minstens even belangrijk is het om ermee op de beurs te beleggen, want dat bepaalt op het einde van het spel winst of verlies.
Afwisseling en tactische kansen genoeg in dit ingenieus opgebouwde spel, dat u van de eerste zet overtuigend meesleept in een fascinerend gebeuren.
Auteur |
Martin Wallace |
Uitgever |
QWG |
Aantal spelers |
3/4 spelers |
Leeftijd |
Vanaf 12 jaar |
Prijs |
+/- € 30,- |
|